Regenboog overpeinzingen (26-09-2017)

Vorige week was de laatste dag in de week tegen het pesten. Diverse media besteedden aandacht aan het voorkomen en oplossen van pestproblematiek. Iedereen binnen het onderwijs is het erover eens: dit is een belangrijk onderwerp. Dat vinden kinderen zelf ook. Afgelopen week sprak ik met een vierde klas over het verschil tussen plagen en pesten. Hoe het een soms het ander kan worden. Na afloop van het gesprek vulden de kinderen een vragenlijst in. Wanneer ze klaar waren mochten ze mij op de achterkant schrijven hoe zij dachten over pesten. De antwoorden troffen me: ‘Hoe ik denk over pesten? Sommige kinderen pesten omdat ze zelf bang zijn, of omdat ze dan cool zijn. Stom vind ik dat.’ Een ander kind schreef: ‘Kinderen die pesten zijn stom. Maar ik heb zelf ook gepest, maar dat is de grootste fout die ik ooit heb gemaakt.’ Het volgende kind bedankt voor het gesprek: ‘Het is belangrijk dat we dit bespreken, dan kunnen we gemakkelijker stoppen.’

Op zo’n moment ben ik blij dat we de Regenboogtraining hebben gemaakt en voel ik me dankbaar dat ik de Regenboogtraining in klassen mag geven. Maar ik realiseer me maar al te goed dat de grootste opgave ligt bij de leraren die op de scholen dagelijks met deze ingewikkelde problematiek bezig zijn. En vlak erop realiseer ik me dat ik zo vaak mensen tegenkom die ik nog extra ondersteuning hierbij gun.

Diverse scholen hebben de afgelopen jaren een traject Regenboog Train de Trainer gevolgd. Het gehele team is opgeleid, er zijn schoolafspraken gemaakt, de leraren spreken dezelfde taal, er is een gewoonte binnen de school om regelmatig met elkaar in gesprek te gaan over handelingsverlegen momenten; als een kind een driftbui heeft, als een kind teveel in zichzelf gekeerd raakt, als er bedreigd wordt en je krijgt de vinger er niet achter. Er zijn ook scholen waar dit helemaal nooit een gemeenschappelijk onderwerp is geweest. Er zijn scholen waar die teamtraining al een flink aantal jaar geleden heeft plaatsgevonden. Daar zijn nieuwe collega’s bijgekomen. Daar zijn leraren waar de inhoud een beetje is weg gezakt, of nieuwe, actuele situaties rondom gedrag van de klas of een kind voortdurend energie vragen. Er zijn ook hele nieuwe scholen (middenbouwen) die een schoolcultuur aan het opzetten zijn, die nog geen vanzelfsprekende gewoonte binnen de school hebben ontwikkeld.

Al deze mensen zou ik willen wijzen op de cursus Train de Trainer Regenboog. Zodat we samen verder kunnen denken, ontwikkelen en ondersteunen. Zodat de momenten van handelingsverlegenheid minder kunnen worden en meer kinderen gelukkige zelfbewuste en initiatiefrijke mensen kunnen worden.

Van de Regenboogtraining is een kleutervariant, een variant voor klas 1-6 en een variant voor de middenbouw. Ook kan het als maatwerk op school.

Annechien Wijnbergh